De ervaringen van melkveehouder en fokkerij-adviseur Gidion Hoorn

"Genetische vooruitgang begint met selecteren"

Genomics (fokwaarden uit DNA-onderzoek) maken het mogelijk om de genetisch beste dieren te selecteren en uit deze dieren een toekomstige veestapel te fokken die gezonder is en een langere levensduur heeft. Gidion Hoorn, melkveehouder en fokkerij-adviseur bij WWS, vertelt hoe dat zorgt voor een hoger rendement en meer plezier in het werk.

Melkveehouder Gidion Hoorn (27) is bezig met de overname van het ouderlijk bedrijf in Wanneperveen. Op dit moment telt het bedrijf 160 melkkoeien, maar de bouw van een nieuwe stal voor 180 koeien en drie melkrobots staat in de startblokken. Naast het eigen melkveebedrijf is Gidion drie dagen per week actief als fokkerij-adviseur bij KI-organisatie World Wide Sires (WWS) waar hij melkveehouders adviseert bij selectie- en fokkerijbeslissingen.

Gigion Hoorn

Met genomics zien waar het nog beter kan
WWS is partner van selectietool CLARIFIDE Plus van diergezondheidsfirma Zoetis. Wereldwijd is dit de meest gebruikte merkertest (DNA-onderzoek van een haarmonster). Een aantal melkveehouders die Hoorn adviseert, is gestart met het genomisch testen van hun vaarskalveren. "Ondernemen met genomics past bij melkveehouders die altijd een stap vooruit willen", zegt Hoorn. "Om het bedrijf top te laten draaien, moet je weten waar je staat en waar nog wat te verbeteren valt. We zetten de puntjes op de i met optimale huisvesting, voeding, enzovoort. Met genomics hebben we nu ook inzicht in wat er in de genetica nog beter kan." Op het eigen bedrijf is Hoorn inmiddels ook begonnen met het genomisch testen van de eerste vaarskalveren.

Vertrouwen op cijfers
Als je als melkveehouder aan de slag gaat met genomics, betekent dat een andere manier van werken. "Cijfers zijn hard en geven een neutraal beeld", stelt Hoorn. "Het is belangrijk om op basis daarvan een plan te maken. Daar ontbreekt het nu nog wel eens aan. Daarom is periodieke begeleiding door een adviseur inbegrepen bij CLARIFIDE Plus. Genetische vooruitgang is langetermijnwerk en het duurt jaren voordat je resultaat ziet. Dat betekent (leren) vertrouwen op de cijfers en je aan de strategie houden. Het geeft dan wel eens een tegenstrijdig gevoel om die mooie koe toch te insemineren met een vleesstier, maar uiteindelijk is het doel om alleen uit de beste koeien een goed vaarskalf te fokken. Dat is de kracht van genetische selectie."

Selecteren op vruchtbaarheid en (uier)gezondheid
Het mooie van genomics vindt Hoorn dat je direct kunt selecteren op secundaire kenmerken als vruchtbaarheid en (uier)gezondheid. "Dat deden we voorheen ook wel via uier of klauwen, maar met genomische fokwaarden kunnen we direct selecteren op het risico van een kalf om later mastitis, baarmoederontsteking of klauwproblemen te krijgen. En zo zijn er nog veel meer genomische gezondheids- en vruchtbaarheidskenmerken. Om het selecteren eenvoudiger te maken, werken veel van onze melkveehouders met de Dairy Wellness Profit-index (DWP$), ook wel bekend als DWP. Deze rendementsindex vat alle belangrijke kenmerken voor een duurzame, rendabele koe samen in één getal. Het is door onderzoek bewezen dat selecteren op deze index meer melk, minder ziekte, een langere levensduur en meer rendement oplevert."

Slim investeren en terugverdienen
"Dat extra rendement komt uiteindelijk uit steeds betere koeien die efficiënt produceren en een lange levensduur hebben", legt Hoorn uit. "Hoe langer de koe op het bedrijf blijft nadat de opfokkosten zijn terugverdiend, hoe meer opbrengst er van iedere liter melk overblijft." Hij vervolgt: "Aan de kostenkant bespaar je op ziektekosten met genetisch sterke koeien die weinig problemen hebben. Dan zijn er nog de jongvee-opfokkosten, waarvan de merkertest een onderdeel is. Door precies uit te rekenen hoeveel vaarzen er nodig zijn voor aanwas, fok je niet meer jongvee op dan nodig is. De ideale strategie daarvoor is gesexed sperma inzetten op de genetisch beste koeien, zodat daar met meer zekerheid een goed vaarskalf uitkomt. Embryotransplantatie is ook een optie. De mindere dieren kunnen dan ontvanger van een embryo zijn of geïnsemineerd worden met een vleesstier. Die kalfjes leveren bij verkoop doorgaans meer op, waardoor je de investering in de merkertest bij de vaarskalveren op korte termijn eigenlijk al terugverdient."

Inzicht in de toekomstige veestapel
"Met een beperkt aantal vaarzen voor aanwas kunnen we ons geen missers meer permitteren", vindt Hoorn. "Natuurlijk heb je niet alles in de hand, maar als je op basis van concrete cijfers kunt inschatten hoe een vaarskalf het later zal doen, kun je al vroeg de betere kalveren selecteren. Het opfokken van een 'slecht' kalf kost nog steeds evenveel als van een beter kalf. Genomics voorspellen met een behoorlijke zekerheid toekomstige prestaties en aanleg voor gezondheid, vruchtbaarheid en levensduur. Dat is altijd een combinatie van genetica en management. Dat laatste blijft belangrijk om goed voor elkaar te hebben en te houden. Je kunt wel gaan selecteren en fokken op bijvoorbeeld uiergezondheid, maar de omstandigheden daaromheen moeten ook goed zijn om koeien gezond te houden. Uiteindelijk levert de koe waar nooit wat mee is het meeste rendement op. Die valt vaak niet zo snel op in de stal, maar wel in de cijfers."

Wilt u meer informatie?

Neem dan contact met ons op.

Contact opnemen

Aanmelden nieuwsbrief